Ik ben afgelopen zaterdag 3e geworden in de Lisboa International Triatlon. Ik vond het een zware race en moest er hard voor werken, het viel niet mee! Maar achteraf ben ik wel tevreden met de derde plek en met dit begin van het seizoen.
Na de goeie trainingsweek op Mallorca was ik twee dagen thuis, en gooide er toen nog een trainingsweekendje met de TVH in Berg en Dal tegenaan. Heerlijk weer, prima getraind, maar oh jee… maandag voelde ik me niet zo lekker. Ik word toch niet ziek? Snotter, hoest, keelpijn. Was ik eindelijk eens helemaal fit van trainingsstage teruggekomen (met stem dit keer!), lijk ik alsnog net over die altijd moeilijke grens gegaan te zijn. Hoeveel kan je aan? Tot waar word je sterker? En waar ligt net die grens dat je weerstand naar beneden gaat door al het trainen, en je toch een virusje oppikt? Afijn, meteen rustig aan gedaan, extra vitamines, extra slapen, keeltabletjes, homeopathische tabletten tegen koorts en griep, om maar niet echt ziek te worden…
Vliegen En ondertussen waren de vliegtuigen gestopt met vliegen vanwege de IJslandse aswolk. Ohjee. Ik had een vlucht voor donderdag. Zou die wel gaan? Allerlei triatleten konden niet naar Zuid-Afrika voor de Ironman, collega’s konden niet terugkomen van vakantie, één collega kon niet op huwelijksreis. Wat een drama allemaal! Hopende dat ik wel naar Lissabon zou kunnen vliegen, onderzocht ik toch andere manieren om er te komen, bijvoorbeeld met de auto of trein, en ik had zelfs een plan B achter de hand: de Powerman in Horst op zondag. Ruud de Haan had al geregeld dat ik mee zou kunnen doen. Dat was gaaf: ik had dus sowieso een race in het weekend.
Reizen en voorbereiden Mijn vlucht ging. Jippie! En dus zat ik donderdag al snotterend en hoestend met paracetamol in het vliegtuig. In m’n eentje. Ik heb me wel eens lekkerder gevoeld en meer genoten van mijn buitenlandse tripjes. Maar goed. Het kon alleen maar beter worden, toch? Helaas had mijn vlucht naar Madrid vertraging. Dus rennen naar de overstap. Gelukkig had de vlucht naar Lissabon ook vertraging, dus ik haalde hem. Ik kwam aan op Lissabon: regen. Fijn. Daarna een uur wachten op m’n fiets. Die niet kwam. In de rij bij de baggage claim. Fiets was waarschijnlijk gestrand in Madrid en zou later bij mijn hotel worden afgeleverd. (dit is overigens de 3e keer dat mijn fiets niet meekomt met Iberia, en daar betaal je dan wel 75 euro per enkele reis voor... grr). Ik besloot het voordeel van het nadeel in te zien: nu hoefde ik mijn fietskoffer niet mee te nemen naar het hotel. Dus ik ging lekker wandelen naar de binnenstad. De mevrouw van de info wilde mij erg graag in een taxi of een bus krijgen, maar ik hield vol dat ik wilde wandelen. Ze vond het erg ver, maar uiteindelijk was ze bereid me de weg te wijzen op de kaart. De wandeling deed me goed, even wat frisse lucht, en ik probeerde alle zorgen van me af te schudden: ik ben er, zaterdag wedstrijd, het komt allemaal goed. Nu ervan maken wat ik ervan kan maken. Kuche kuche. ;-) Tijdens de wandeling ontmoette ik Jorge, en hij wandelde mee naar mijn ‘hotel’, dat hij niet kende ondanks het feit dat hij er in de buurt woonde. Toen we voor de deur stonden, zag het portiek er ook wel enigszins vaag uit, en Jorge bood zelfs aan met me mee te gaan om de receptie te zoeken. Gelukkig lukte me dat zelf ook wel, alleen de mevrouw sprak alleen maar Portugees. Kennelijk had het vliegveld al gebeld, want ze bleef maar roepen “Bicycleta”. Ja, d'r komt een fiets, en die is van mij. Ik hoopte maar dat hij die avond nog zou komen.
Het hotel zelf was schoon en netjes, maar het was meer een pension, want ik had geen wc op m’n minikamertje, maar er was wel een gemeenschappelijke keuken. Tja. Ik ben wel een beetje ‘cheap ass’ geweest, maar de wedstrijd vindt plaats aan de rand van de stad, en de enige hotels daar zijn 4 of 5 sterren, en ik vond 90 euro per nacht een beetje te gek. Dus ik had zelf een hotelletje gezocht in de binnenstad, en had bedacht dat ik gewoon op m’n racefiets op en neer kon rijden naar de wedstrijdlocatie. Maar echt handig bleek dat niet… ik pak m’n spullen uit, doe boodschappen, eet wat, surf wat op het internet en voel me niet lekker. Maar vroeg naar bed en hopen dat morgen alles beter is.
Bicycleta De volgende ochtend en nog geen fiets. Ik bel Iberia en de fiets blijkt tussen 7 en 12 uur afgeleverd te worden. Maar er is niemand bij mijn receptie (groot woord voor de balie in de gang). Dat gaat dus niet goed als ik wegga. Dus ik wacht op de stoep in de straat tot dat ding komt. Ondertussen kan ik helemaal nix: ik kan niet weg en heb geen vervoer. Gelukkig komt-ie net na 9 uur. Ik zet onder toeziend oog van die mevrouw (commentaar: “Bicycleta”) m’n fiets in elkaar, raap wat spullen bij elkaar en rijd naar de wedstrijdlocatie. Het is toch 20 minuten fietsen, dat valt tegen! Lissabon is ook niet bedacht op fietsers.
Wedstrijdlocatie, parcoursen en briefing De wedstrijdlocatie ken ik van het EK twee jaar geleden. Dat was toen over de Olympische afstand, maar de parcoursen zijn grotendeels hetzelfde. Zwemmen in hetzelfde water, maar nu twee rondjes en de andere kant op, fietsen dezelfde grote weg, maar dan een stuk verder ook nog de snelweg op, en lopen een langere ronde, maar ook langs de rivier en om het zwemparcours heen. Mijn race eindigde destijds in een grote teleurstelling: ik werd na het fietsen uit de race genomen omdat de kopgroep al voorbij was. Hij staat nog steeds te boek als mijn meest frustrerende ervaring OOIT. Ik heb deze wedstrijd er niet op uitgezocht, maar nu ik er toch ben, is het wel tijd voor revanche natuurlijk. Zo niet, dan komt het denk ik nooit meer goed tussen Lissabon en mij…
Ik haal m’n startspullen, pomp m’n banden op, vraag de 'bike mecanic' nog even m’n versnellingen te checken, en fiets stukken van het parcours. Omdat ik me niet zo lekker voel, besluit ik niet te zwemmen. Ik ken het water en het rondje. Enige nadeel: ik heb al een halfjaar niet meer in m’n wetsuit gezwommen. Maar goed, ik had voldoende vertrouwen dat dat geen probleem zou vormen. Ik keek wel even bij het zwemmen en ontmoette daar de Engelsen Kai en Jacqui. Erg leuke lui! Toen was het tijd om terug te gaan naar mijn hotel. Maar: Oh. My. God. Ik verdwaalde hopeloos in de stad. Het leek wel alsof ik steeds een andere kant op moest. Ik heb wel 6 keer de weg gevraagd, maar niemand sprak Engels of Spaans en iedereen leek moeite te hebben met waar we ons überhaupt op de kaart bevonden, laat staan welke kant ik dan op moest. En fietsen in Lissabon: ik kan het iedereen afraden! Allemaal eenrichingswegen, putdeksels, tramrails, en automobilisten die geen idee hebben wat ze met je aanmoeten. Afijn, ik heb er meer dan een uur over gedaan om terug te komen! Ik was moe, hongerig en dorstig. Lekkere wedstrijdvoorbereiding. Gauw douchen en eten en een halfuurtje liggen, en toen moest ik alweer de fiets op, want de briefing was om 15.00 uur. Pfff. Eentje in de serie a-relaxed dus...
Ik mocht mijn fiets even bij Kai op de kamer zetten (die zat wel lekker in het host hotel) en me daar omkleden. De briefing was prima en duidelijk, alhoewel we wel wat vragen moesten stellen om het hele verhaal duidelijk te krijgen. Daarna gingen Kai, Jacqui en ik wat eten en genoten we nog even van het zonnetje. De pasta party was om 20 uur en daar wilde ik eerst wel heen, maar dan moest ik dus nog heel lang wachten. En daarna nog terugfietsen. Dat werd me iets te laat. Dus toch terug naar het hotel (dit keer in één keer goed, kaart uit m’n hoofd geleerd), al m’n spullen klaargemaakt en toen heel alleen kerstfeest zitten vieren met een bord pasta in de gezellige eetkamer. No fun! It better be good tomorrow… Ik wist dat ik alle perikelen van me af moest schudden en niet mee moest nemen de wedstrijd in. Dus ik concentreerde me op de race en alle goeie dingen die konden gebeuren. Aan de start heb je alleen de start en is alles wat daarvoor is gebeurd, verdwenen.
Race day! De wekker gaat om 5.00 uur, aankleden, ontbijten en wachten… en dan op t fietsje naar de start. Vreemde gewaarwording, in het schemerdonker door Lissabon fietsen. Ik voelde me heel vreemd, heel alleen, maar ook heel rustig. Beetje surrealistisch. Back to reality: ik zet alles klaar in de wisselzone, en kom daar ook Kai en Jacqui weer tegen. Lekker gespannen. Dat valt bij mij mee, ik ga er zo open mogelijk in en er het beste van te maken. Kai had trouwens wel de uitvinding van de eeuw: een ‘transition kit’. Met daarin alles wat je mogelijkerwijs ooit nog eens nodig zou kunnen hebben in een wisselzone: wetsuitlijm, elastiekjes, wc-papier, speldjes, tape, boterhamzakjes, noem maar op. Zoiets ga ik ook maken. Dan heb je nooit meer een probleem.
Start De start is om 8 uur, en hoewel ze gezegd hadden dat de dames aan de rechterkant van een boei zouden starten, wordt daar niets mee gedaan. Dat vermoeden had ik al, want iedereen had een witte badmuts, dus hoe wil je dat organiseren dan? Een paar minuten voor 8 ging ik aan de startlijn liggen, want ik zag een mannetje in een bootje met een toeter. En net toen ik dacht: "komt dat schot!" schoot-ie inderdaad (nee dat dacht ik niet, ik ben niet zo grappig voor een wedstrijd. Ik dacht natuurlijk gewoon: die gaat zo schieten. Maar als je een stukje typt dan zeg je het soms anders). Voor mij prima, maar heel veel andere mensen lagen nog helemaal niet aan de startlijn.
Natação De eerste 200 meter gingen niet erg lekker, het was toch wel erg druk. Daarna ging het lekkerder. Ik had gewoon even nodig om in m’n ritme te komen. Dus ik kon goed wat mensen gaan inhalen. Die Portugezen zijn alleen wel een beetje lomp zeg, ik heb weer een hoop klappen gekregen. Dat dat bij een boie gebeurt, snap ik. Dan ben ik ook niet te beroerd om iemand op z'n kop te meppen. Maar op het rechte stuk is het toch niet noodzakelijk? Helaas eindigt mijn opmars steevast aan kop van een groepje… Grrr. Maar al met al heb ik best goed gezwommen. Mijn Orca-wetsuit zwom hartstikke lekker, inderdaad geen probleem dus. En ik zwom dit keer ook goeie rechte lijnen naa de boeien toe, dat is ook wel eens anders. Gauw de wisselzone inrennen, wel zo’n 250meter, en de fiets op. Achteraf zag ik dat ik als tweede vrouw het water uit was (27.40), op een dikke minuut van de Belgische Sofie Goos.
Ciclismo Nou, het fietsen! Het spannendste onderdeel van de dag voor mij. Op m’n ligstuur liggen en trappen maar. Ik heb op mijn nieuwe fiets nog geen snelheidsmeter, en ging kijken hoe ik dat vond in een race. Heb je zo’n ding überhaupt wel nodig? Alleen… m’n hartslagmeter deed het niet! Hartslag 44… jaja, knap! Dus toen had ik wel erg weinig info om op te varen (fietsen). Op gevoel dus. Ik rijd inmiddels op de snelweg, en die is recht en lang, met af en toe een viaduct. Ik heb op Mallorca duidelijk het goede getraind: diep zitten, druk houden en blijven trappen. Dan komen we richting het keerpunt, en gaat de weg langzaamaan behoorlijk omhoog! Ja hoor, typisch gevalletje van "Zuid-Europeaans vlak". Niet vlak dus! Okee, echt klimmen is het niet: je kunt hem op je buitenblad houden, maar toch: kom eens naar Nederland, dan weet je pas wat vlak is… Ik check steeds de andere kant van de weg: wie zitten er voor me? Wie achter me? En hoe ver? Maar het is moeilijk te zien. En in de volgende ronden natuurlijk helemaal, want dan rijdt alles door elkaar. In de tweede ronde word ik ingehaald door de Britse Alison Rowatt. Ik blijf haar een tijdje in het zicht houden, maar ik raak haar helaas toch kwijt. Ik denk dat ik nu derde lig, maar weet het niet zeker. Dat is wel het nadeel van geen begeleiding hebben. De derde ronde vind ik best zwaar. Ik had Esther en Fred beloofd niet te vaak ‘Duurt lang.’ te denken, maar kan het niet voorkomen. Voordeel is dat er wel een glimlach achteraan komt. Verder vind ik dat heen-en-weerparcours maar niks. Ik heb steeds de neiging om me met anderen bezig te houden. Meerdere keren corrigeer ik mezelf dat ik op mijn eigen race moet focussen. Dat helpt wel. Maar ik zie ook een heel peloton aan de andere kant van de weg achter me aankomen, en daar wind ik me over op. Stelletje sukkels! Maar ik had met mezelf afgesproken dat ik daar geen energie aan zou verspillen, dus ook hier maan ik mezelf tot kalmte. Eind derde ronde word ik ingehaald door de Zwitserse Michaela Giger op d’r supersonische fiets. Chips. Fietsen die meiden nou zo hard, of ik zo langzaam? Je zou bijna aan jezelf gaan twijfelen. Maar die derde plek geef ik natuurlijk niet zomaar op. Ik probeer haar zo lang mogelijk in het zicht te houden. Ze rijdt wel wat van me weg, maar ik schat in dat ik goede kansen heb bij het lopen. En dus fiets ik op de terugweg van de vierde ronde zo hard mogelijk door om het verschil zo klein mogelijk te maken. Voel wel m'n hamstrings, maar heb toch prima diep gezeten de hele 90km. Nouja, in de laatste ronde ben ik wel een paar keer gaan staan bij het viaduct en de klim. Toen van de fiets af, de wisselzone in, en ik loop ineens achter Giger! Wat een meevaller! Mijn wissel is sneller, dus ik ren voor haar het loopparcours op. Al met al hebben die 3 meiden dus harder gefietst dan ik, dus daar is nog wel wat werk te verzetten. Ik zie een hoop tempo's in de polder aankomen... :-(
Corrida Het was inmiddels warm geworden, en dus zaak om goed te blijven drinken. Dat had op de fiets wel wat beter gekund. Op weg naar het keerpunt probeer ik te zien hoeveelste ik lig en hoe ver achter de koplopers. Ik zie inderdaad Sofie Goos terug komen lopen, en een eind daarachter Alison Rowatt. Derde dus, op behoorlijke afstand. Maar zien wat ik nog kan, we hebben nog meer dan een uur te gaan, wie weet. Het loopparcours is niet snel: veel kleine steentjes, bochten, een heel stuk onverhard, U-turns, en een stuk over een flonder over het water. In het begin loop ik nog niet zo lekker (ik moet ook plassen maar wil niet), maar ik probeer te ontspannen en m’n ritme te pakken. Dat gaat steeds beter. Helaas lopen de nummers 1 en 2 harder; ik kom niet dichterbij. Maar voor Giger hoef ik niet bang te zijn: het gat met haar wordt alleen maar groter. Ik loop steeds meer ontspannen en volgens mij ook steeds harder, en probeer nog wat te genieten. Ik finish in 4.29.05, op ruime afstand van Goos (4.14, wat was die meid sterk) en Rowatt (4.21). Giger zit 4 minuten achter me. Mijn halve marathon ging in 1.24.05 en daar ben ik heel tevreden mee voor nu, zeker op dit parcours.
Mijn K-ona's liepen trouwens heerlijk, en: een halve marathon zonder sokken en: geen blaren! Cool.
Na afloop meteen op het podium, en toen naar huis bellen, uitpuffend in de wisselzone. Op zo'n moment voel ik me wel heel alleen hoor. Na een race heb je toch behoefte aan een kus, knuffel en een paar armen om je heen. Ik wel. Toen alle zooi in m'n rugtas en terugfietsen naar het hotel. Grrrrrrr. Ik moet een enorme heuvel over, en dat trek ik echt niet meer, zelfs niet op m'n lichtste verzet! Ik vervloek mezelf nogmaals voor het kiezen van het goedkope hotelletje. Alle anderen wandelen lekker naar het host hotel... Gelukkig belt dan net Chris, en heb ik een goede reden om met m’n fiets aan de hand naar boven te lopen. En dan hoef ik alleen nog maar naar beneden te rollen, het hotel in, onder de douche, en m'n bed in. Poehee!
Eind van de middag nog even mails en internet checken. Jorge op facebook: "found you, internet rules! Congratulation on the podium!" Ik had namelijk gezegd dat ik voor een podiumplaats ging. Zo grappig dit. Ook Kai, Jacqui en Ben heb ik binnen no time gevonden op Facebook. Leuk om zo mensen te ontmoeten en contact te kunnen blijven houden. Kai en Jacqui gaan Ironman Germany in Klagenfurt doen, ik ben benieuwd hoe het ze vergaat.
Lisboa Casino ’s Avonds is de prijsuitreiking in het casino. Je moet nette kleren aan, geen sportkleren of slippers, anders kom je niet binnen. Dit keer neem ik een taxi ernaartoe, ik ben helemaal klaar met die fiets en die route. Had ik veel eerder moeten doen: 7 euro! Het is een erg leuke avond, met drinks & laughs met Kai, Jacqui en nog een Engelsman, Ben. En met Sofie is het ook heel gezellig. Ze schenken cocktails en ik zit al gauw aan een Mojito! De prijsuitreiking is bovenop een groot rond podium. Daar staan Sofie en ik dan in onze jurkjes alle bobo's te zoenen. Alle anderen hebben gewoon een spijkerbroek aan hoor… maar goed. Het was een gezellige avond en m'n taxi bracht me lekker luxe terug naar het hotelletje. Ik ga nooooooooit meer fietsen in Lissabon!
Tevreden Al met al ben ik behoorlijk tevreden met deze start van het seizoen. Het ging allemaal niet vanzelf en de topvorm is er uiteraard nog niet. Maar het was wel weer een goede ervaring en ik weet nu waar ik sta. Van hieruit kunnen we verder bouwen voor de rest van het seizoen. En, bijzaak, maar toch leuk: wat mij betreft is de stand Lissabon - Eva nu 1-1. ;-))
Nu dus eerst weer even lekker trainen, en in mei nog een weekje fietsen in de Alpen, en een weekje Lanzarote om de mannen aan te moedigen in de Ironman en daar zelf te trainen.
Zie ook berichten op NuSport, Triathlonweb, Gooi- en Eembode, en GAC Hilversum.
|